Zin in boeken #5 augustus 2019

Geregeld schrijf ik mooie zinnen of zinnen die me aanspreken over in een boekje. Het lijkt me ook leuk om deze met jullie te delen. Dit zijn de zinnen die ik noteerde uit de boeken die ik uitlas in augustus.

Tot in de hemel – Richard Powers
Maar Adam snapt de mensen niet. Ze zeggen dingen om te verhullen wat ze bedoelen. Ze jagen op waardeloze prullen.

Op dat moment beseft Adam: de mensheid is ernstig ziek. De soort zal niet lang meer bestaan. Het was een gestoord experiment. Binnenkort zal de wereld weer worden teruggegeven aan de gezonde, collectieve vormen van intelligentie. Kolonies en zwermen.

Maar dit is Idaho, en wanneer je al je tijd met paarden doorbrengt, rekt je ziel een beetje op, totdat je inziet dat menselijk gedrag niets meer is dan een gekostumeerd bal waarvan de schijn bedriegt.

De mens heeft niet het monopolie op merkwaardig gedrag. Andere wezens – grotere, tragere, oudere, bestendigere – hebben het voor het zeggen, zijn verantwoordelijk voor het weer voedende schepping en scheppen zelfs de lucht.

Haar vader heeft zelf ook de nodige moeite met de homo sapiens. Hij zit klem tussen brave lieden met familiebedrijven die er niet in slagen de aarde naar hun hand te zetten en grote ondernemingen die hun een compleet arsenaal aan producten willen verkopen om volledige onderwerping van diezelfde aarde af te dwingen.

Een onafhankelijke geest blijkt zijn eigen aantrekkingskracht te hebben.

Begeerte zo schrijft ze in haar veldboekje, blijkt eindeloze variaties te kennen en is het aantrekkelijkste trucje van de evolutie.

Haar budget wordt tenminste niet belast door twee standaardkostenposten: vermaak en status.

Het bos gezonder maken. Alsof bossen vierhonderd miljoen jaar hebben gewacht totdat nieuwkomers als wij ze genezen. Wetenschap in dienst van halsstarrige blindheid: hoe hebben zoveel slimme mensen over het hoofd kunnen zien wat toch zo overduidelijk is? Een mens hoeft maar te kijken om te ontdekken dat dode stammen veel meer leven bevatten dan levende. Maar de zintuigen leggen het altijd af tegen de nacht van de leer.

In de wildernis – John Muir (geschreven in 1800, straf dat er mensen toen al door hadden dat we niet goed bezig zijn)
En zo valt de schoonheid van lelies op engelen en mensen, beren en eekhoorns, wolven en schapen, vogels en bijen, maar voor zover ik heb gezien is de mens de enige, samen met de door hem getemde dieren, die deze tuinen verwoest.

Zoals het landschapstoerisme in haar meest kunstmatige vorm, met al die belachelijke vertoningen, onnozelheid en fototoestellen, en al die natuuraanbidders die er mooier dan paradijsvogels bijlopen en het loslopend wild afschrikken met hun rode paraplu’s – zelfs dat is bemoedigend en kan wel degelijk een hoopvol teken des tijds worden genoemd.

In deze verhitte, sombere, veeleisende tijd zijn maar weinig mensen volledig gezond en vrij van geest; als een klok vol stof worden ze verstikt door zorgen, terwijl ze ijverig zoveel goed doen en zoveel – of zo weinig – geld verdienen dat ze niet langer goed voor zichzelf zijn.

Beide boeken over de natuur, welk spreekt jullie het meeste aan?

2 gedachten over “Zin in boeken #5 augustus 2019

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s